vrijdag, juli 20, 2007

PASSAGE TO INDIA




Om vast in de stemming te komen voor mijn reis naar China, Tibet en Nepal plaats ik mijn reisverslag naar India nog een keer. Teruglezend bereid ik me voor op de contrasten die weer gaan komen.


Passage to India, tijdens de middelbare school een verplicht nummer op de Engelse literatuurlijst.Passage to India: even de spruitjeslucht inruilen voor curry.


Delhi, stad met 16 miljoen inwoners, waarvan er 1,5 miljoen letterlijk op straat wonen. Armoede en viezigheid, maar ook veel cultuur. Paleizen, het rode fort, het Ghandimuseum en schitterende graftombes.


Het is wennen aan de teenerjongens die allemaal gearmd of met de armen om elkaar rondlopen. Hoe verschillend kunnen culturen zijn.


Heeft u last van hondenpoep op straat? Ga ff in India kijken. Paarden, honden, koeien, geiten, mensen alles doet het op straat. Voor je het weet kan je weer hinkelen door je pogingen om de stront te ontwijken.


Last van de verkeersdrukte? Auto's, tuc tucs, riksha's, fietsen, brommers, motoren: een grote chaos. En maar toeteren en niemand die kwaad wordt. Met dit verkeersgedrag had je in Nederland allang een ram voor je kop gehad, maar hier gaat het anders.Geen voorrang geven, zo lang mogelijk doorrijden, maar op het laatst toch de ander voor laten gaan; verdraagzaamheid ten top. Niet tot het gaatje, want toen onze chauffeur eindelijk, na enkele vergeefse pogingen, een motor op zijn voorbumper had, kreeg ie een koekie op zijn oog voor hij sorry kon zeggen.


Dan op weg naar de forststeden Jasilmer en Bikaner, langs de route waar vroeger met karavanen zijde, diamanten en opium vervoerd werd. Tot de Engelsen Calcutta als havenstad ontwikkelden. De kooplieden vertrokken naar Calcutta, maar richten in hun geboortestreek schitterend gedecoreerde paleisjes, haveli's, op.Land van duizend en een nacht. Woestijngebied, paleizen, forten, kamelen en veel gekleurde gesluierde vrouwen. De weg is (hier) goed, want we gaan richting Pakistan en Pakistani en Indiers zijn geen vriendjes dus het leger moet snel kunnen oprukken.We slapen in een oud fort. De kasteelheer van oude indiase adel, de Takur, zorgt persoonlijk dat het ons aan niets ontbreekt. Zelfs een emmer heet water 's morgens om je te wassen. Beter dan de vele douches in de hotels die we later zouden aandoen. Manneke Pis zou zich schamen voor de zielige straaltjes die daar geproduceerd werden. Vandaag geen druk, morgen is het beter; maar morgen zijn we alweer weg.De takur doet me in zijn gedrag aan verhalen over het Indonesie van vroeger denken. De pinda's die ongeveer vijftien centimeter van hem verwijderd zijn, laat hij door een bediende aanreiken.


De rattentempel in Besnik. Vijftienduizend (heilige) ratten krioelen over je blote voeten of sokken. Je mag ze geen pijn doen, maar die ene die op mijn voet zat, zit nu of plat tegen het plafond of draait nog steeds in een baan om de aarde.De bocht om, terug richting Jodphur, de blauwe stad met schitterende forten. Voor een half uurtje dan (voor mij) en niet de twee en een half die er door de enthousiaste gids voor zijn uitgetrokken. Het is gedaan met de goede wegen; met gemiddeld veertig km per uur ben je spekkoper.


Ik eet nog steeds vegetarisch en zal dat drie weken volhouden. Vlees eten betekent Teenaladies in je broek en die had ik niet ingepakt. Ben op zoek geweest naar de HalAldi, maar heb hem niet gevonden.Bij de Bishnoi stam heb ik een unieke ervaring: als onderdeel van het begroetingsritueel dien ik drie slokjes water vermengd met opium te verorberen. Misschien een touristentruc, want ik ben er niet helder, high of wat dan ook van geworden.Op kamelen naar de ondergaande zon kijken. Jammer dat we drie kwartier voor zonsondergang staan te vernikkelen in de woestijn, terwijl de kamelen even zijn uitgeleend voor het vervoer van Amerikanen voor een kort ritje.


Naar Udaipur, de stad waar de James Bondfilm Octopussy deels is opgenomen. En dat zal je weten ook: in elke hotel, drie keer per dag wordt de film vertoond. Waarschijnlijk de enige film die in India vertoond mag worden waar het woord pussy in voorkomt.Wassende en badende vrouwen in de rivier, mooie kleurrijke plaatjes.Naar Pachewar Garth. Opnieuw een oud fort waar we in slapen. Uiteraard staat het beloofde zwembad er opnieuw leeg bij. Dan maar een Kingfisher (biertje) gepakt. Waar geen drankvergunning aanwezig is, wordt het bier in een theepot geserveerd.
Jaipur, de rode (roze) stad van de drie V's. Vuiligheid, viezigheid en vunzigheid. De pracht van de gebouwen wordt overheerst door straatvuil en uitlaatgassen. Als je al twee weken vegetarisch eet, begrijp je waarom een van de paleizen "paleis der winden" heet.Hier pakken we onze eerste fietsriksha. Na druk onderhandelen, want de gevraagde veertig rupee (80 cent) lijkt erg veel, pedaleert onze rijder 40 minuten tot we op de gewenste plaats zijn. Onze gene neemt per 10 minuten toe, vooral als het niet fietsend, dan maar lopend gaat. Om de schaamte af te kopen, betalen we meer dan wat eerst gevraagd was en besluiten verder alleen maar gemotoriseerde tuc tucs te nemen.


Elke dag worden we botter. Uitgestoken handen, groeten als hello, how are you and what's your name negeren we volkomen. Ook de jongen die bij elk fort meeloopt, uitleg geeft en zegt: I'm not a guide, I'm a student,I want to practice my english, no money. Daar trappen we niet meer in. ALLES kost geld en een praatje aanknopen, betekent een verplicht bezoek aan minimaal 3 familieleden met winkeltjes.De Jantar Mantar is overweldigend. Een planetarium, eeuwen oud waar met exacte precisie tijd, afstand tot hemellichamen en stand van tekens van de dierenriem door de zon worden aangegeven. Qua impact doet het me aan de piramides van Gizeh denken. De bouwwerken zien er trouwens uit als door een moderne architect neergezet.'s Avonds naar een Bollywood film in het grootste theater van Azie, 1500 zitplaatsen. 3 Uur (!) lang overacterende, dansende en zingende Indiase soapies. Gelukkig heb ik een medestander die ook na een uur afnokt. We gaan vreemd: naar de Mac op de hoek om een maharadja burger (kipgehakt) te scoren.


Naar Bharatpur, bekend om zijn vogelreservaat met meer dan 400 soorten vogels. In een ander jaargetijde dan: de vogels waren gevlogen. Behalve een verdwaalde reiger en een enkele ooievaar was er niets te zien. Had ik toch in Den Haag kunnen blijven.


Mijn primaire reisdoel nadert; de Taj Mahal in Agra. Agra met het schitterende Rode Fort en ook nog een mini Taj. eerst nog even naar Fathepur Sikri, onbewoond maar schitterend. Aan de opdringerige verkopers zijn we allang gewend. We kopen pas als de chauffeur de motor start. Niks, nooit meer dan de helft betalen: de prijs gaat wel 5 x naar beneden.Zo nu en dan kan de verkoper nog net zijn arm uit het raampje trekken om te voorkomen dat hij wordt meegesleurd.Uren in de rij voor de Taj Mahal. Geen tassen, mobis en etenswaren mee. De angst voor aanslagen heerst ook in India. Ik vraag me af, hoe het moet als je een eetbare onderbroek draagt.Het was het wachten waard: de Taj Mahal is overweldigend. Ik ben zo in trance dat ik 2 t-shirts koop (maat large) die, na uitpakken ,volgens mij waarschijnlijk alleen door kabouter Plop gedragen zullen kunnen worden.


Naar Khajurahu: de Kama Sutra tempels. Schitterend, niet alleen vanwege de erotische kunst. Ik begrijp nu wel waar de uitdrukking "man en paard noemen" vandaan komt (man en paard nemen dan). Indiers die nog geen verdwaalde tepel op de televisie mogen zien (Fashion tv is de hotste zender) kijken hier hun ogen uit. Ik vraag me bij sommige afbeeldingen af of Youri van Gelder (lord of de rings) lenig genoeg is om daarin een goed figuur te kunnen slaan.'s Avonds bak ik oliebollen; rozijnen en meel meegenomen uit Nederland (Aldi bedankt!). 6 Man personeel kijken toe, wat later 500 rupee blijkt te kosten.Oud en nieuw bij kampvuur met muziek uit het reisbusje. Ali en Mohammed B rappen ons het nieuwe jaar in.Vier en een half uur eerder dan in Nederland gaan mijn goede voornemens in.Al het beste voor 2007 trouwens.


Naar Varanasi, de heilige stad aan de Ganges. Een belevenis: badende mensen in de heilige rivier, mensen op brandstapels de hele dag door, resten van lijken en as die in de Ganges worden gegooid in water dat 3 meter verder als onderdeel van het doopritueel wordt gedronken. Ik ga mijn eigen gang es en wordt onaangenaam verrast door een Indier die (per ongeluk) mijn camera uit mijn handen slaat. Helaas, pindakaas: niet te repareren en dat nog wel terwijl hij een heilige koe wilde wegduwen.


De nachttrein naar Delhi. Comfortabeler dan gedacht, afgezien van de ruftende Indier op het bovenbed, want boeren en scheten laten is heel normaal voor Indiers. Ik moet aan mijn overleden oma denken die ons als kinderen regelmatig wist te shockeren door in gezelschap geluiden te produceren en dan steevast zei: beter in de wijde wereld dan in een nauw gat gevangen. Wijsheid is niet alleen op een tegeltje te koop.


De afronding in Delhi. De schitterende Bahiatempel in de vorm van een lotus, een juweeltje van architectuur, nog een Jantar Mantar en de tombe van Humayun. Eerlijk is eerlijk: die is nog mooier dan de Taj Mahal.


Passage to India. Schitterend en vies tegelijk, relativerend, boeiend. India is een van de twee snelst groeiende economieen ter wereld. Ik hoop dat met het verdiende geld vooral ook wat aan bestrijding van de armoede gedaan wordt. Het contrast tussen arm en rijk is zo groot dat het pijn doet.