Naar de zoutvlakte
Zo nu en dan volgen we onderweg een Inca-trail. Een van de reisgenoten is redelijk de weg kwijt: hij volgt de Mayo-trail. Patatjes met mayonaise waar mogelijk en is er geen mayo: dan komt uit de handbagage de tube Calve-mayonaise tevoorschijn.
Blij dat we Potosi kunnen verlaten rijden we naar de zoutvlakte bij Uyumi. In de spookstad Uyumi bezoeken we het spoorwegmuseum: verouderde treinstellen en locs worden gewoon in de woestijn geparkeerd. Knap stoffig hier trouwens.De zoutvlakte zelf is ook adembenemend, maar dan vanwege de schoonheid. Helaas levert de zoutproductie nauwelijks wat op vanwege de concurrentie uit Peru en Chili. De vraag is dan ook hoelang ze ongeschonden blijven, want eronder is de grootste hoeveelheid Lithium ter wereld aangetroffen. Midden op de zoutvlakte ligt een eiland met enorme cactussen, Isla Incahuasi. Op de zoutvlakte vind je ook hotels die geheel van zout zijn opgetrokken.
We slapen aan de voet van de Tarupas vulkaan en scoren onderweg nog wat flamingo's. Wat moeten die beesten hier?
Inmiddels hebben we lama gegeten: de volgende keer zeg ik: La maar!
Door naar La Paz. Het grootste gedeelte van de reis rijden we over de hoogvlakte in de Andes, de Alto Plane tussen de 3500 en 4000 meter. Schitterende landschappen trekken voorbij. De quinua groeit overal om ons heen. Quinuasoep: een aanrader.
In la Paz eerst een city-tour en dan op zoek naar de heksenmarkt. Daar kopen de localo's lama-foetussen die tegen zowat alles schijnen te helpen. Ik scoor een Lamasutra T-shirt bijgestaan door deskundig advies van enkele vrouwelijke reisgenoten. Te klein dus en doorgeschoven naar onze reis(bege)leidster. De beste die ik ooit heb gehad, maar wat wil je? Ze heeft dit jaar de marathons van Rotterdam en Rio gelopen, spreelt vloeiend spaans en schakelt zichzelf regelmatig in tijdens de bediening in hotel en restaurants onderweg.
Ik ben op base-camp Mount Everest geweest, maar stijg de volgende dag naar nog grotere hoogte. Met zijn vieren beklimmen we de Chacaltaya tot de top: 5405 meter. Wat een uitzicht, zelfs het TiTi Caca meer kan je zien liggen.
Op weg naar dat meer via de ruines bij Tiahuanaco, maar daar komen de mijnwerkers. Tijdens protesten de afgelopen week in la Paz is er al een dode gevallen, maar nu blokkeren ze de snelwegen onder het motto: als je aan de mijne komt, kom ik aan de jouwe! Doordat de wegen geblokkeerd zijn, zijn de tankstations gesloten. Gelukkig zijn er nog een paar kruideniers, die nog wel een jerrycannetje benzine tussen het snoep hebben staan.
Van de snelweg af dus en zeker 20 kilometer dwars door het landschap om de blokkade te omzeilen. Als we weer op de snelweg terugdraaien is deze bezaaid met stenen maar Porto Perez wordt bereikt.
Het enige hotel, aan het meer gelegen, met een balcon. Eindelijk kan ik ongestoord een sigaartje opsteken, want maar 1 reisgenoot rookt ook. Aan het eind van de reis blijk ik de helft van mijn sigaren nog over te hebben: een unicum.
Inmiddels hebben we ook Alpaca gegeten: een stuk malser en lekkerder dan lama.
We bezoeken het bedevaartsoord Copacabana. De heilige maagd mag niet gefotografeerd worden, maar de militair die erbij staat, loopt steeds strategisch weg als iemand een foto wil maken. We parkeren onze bagage in een hotel en varen met een boot naar Isla del Sol. Volgens overlevering is hier het Inca-rijk ontstaan.
We bezoeken eerst de zonnetempel. Idyllisch, prachtig, maar..................
Het hotel blijkt op zodanige hoogte te liggen, dat de helft van de groep onderweg aan de zuurstof moet. Klasse dat iedereen toch is bovengekomen. Het biertje boven is verdiend!
Naar beneden gaat gelukkig iets gemakkelijker.
Terug met de boot en onderweg naar Punto. Hier bezoeken we Uros: de bewoners van de drijvende rieteilanden in het Titi Caca meer.
Heel bijzonder, maar helaas en beetje Volerndam/Marken.
Via Raqchui naar het klapstuk van de reis: Machu Picchu. Op naar Cusco de hoofdstad van het oude Inca-rijk dat van Colombia tot en met Chili reikte. Een mooie stad met veel historische bouwwerken. Veel huizen zijn op oude Inca-resten gebouwd. Cusco betekent trouwens: navel.

0 Comments:
Een reactie posten
<< Home