woensdag, augustus 22, 2007

MET MEPAL NAAR NEPAL


Op naar Nepal, eigen mok weer mee. Nepal geteisterd door de ergste regens sinds 50 jaren en dat zullen we weten. De weg is alleen open van 8 tot 10 uur ’s avonds maar is nauwelijks een weg te noemen. Overal wordt gewerkt, explosies om ons heen. Kuilen, water op de weg, het lijkt wel een rivierbedding en dat urenlang.

De volgende dag rijden we door naar The Last Ressort. Paradijs voor hikers, bungee jumpers (de hoogste van Azie) en rafters. De zon schijnt en het ziet er inderdaad wonderschoon uit. Alleen moeten we over een lange hangbrug over een diep ravijn. Diep ademhalen en lopen maar. De eerste dag klimmen we 250 meter en zijn we in 2,5 uur terug. Schitterende uitzichten. De tweede dag klimmen we 750 meter en dan slaat de moesson toe. Regen, regen, alleen maar regen. 6,5 uur later zijn we door en door nat weer beneden. Eerst even de bloedzuigers verwijderen die her en der vastgezogen zitten. Alles is nat en ik heb geen stroom.

Door naar Kathmandu. Ik heb er twee andere namen voor, maar laten we het netjes houden: Natmandhu. Regen, regen en geen stroom. Alles wat nat is blijft nat. Onderweg worden we twee keer opgehouden door protesterende Maoisten. Een andere bus wil ons inhalen en toetert minuten lang. Naar later blijkt om ons er op te wijzen dat er een verstekeling op het dak bij de bagage is geklommen. Zo stoned als een garnaal. Zijn dikke rastahaar maakt het voor de chauffeur mogelijk hem daaraan van het dak te trekken. Verdwaasd wil hij de bus in maar gelukkig lukt dat niet.

Kathmandu, net India dus. Een grote vuilinsbelt, de vuilnismannen staken ook nog, maar wel sfeer. Mooie tempels, gezellige winkels en de outdoorspullen kosten maar en habbekrats. Peak and Nothern Face worden aan de collectie toegevoegd. Ook een pataje oorlog is er bij een ondernemende Belg te verkrijgen.

Naar Barakpur en de Hindutempel waar de lijkverbrandingen plaatsvinden: indrukwekkend.

Enkelen van ons gaan golven. Helaas wordt het terrein geterroriseerd door apen. Er zijn dan ook aanzienlijk meer monkees dan birdies geslagen!

Het zit er op, met het vliegtuig naar Delhi, zes uur wachten en dan via Wenen naar huis. Nog steeds alles zijknat.

Een onvergetelijke vakantie met blijvende indrukken. Voorlopig heb ik echter genoeg Azie gezien. De volgende keer Zuid-Amerika of nogmaals naar Cuba?

dinsdag, augustus 21, 2007

KUIFJE IN TIBET




Alle Kuifjes zijn in het Chinees te koop, behalve Kuifje in Tibet. Deze controversiele lectuur van Herge gaat de Chinese autoriteiten te ver. Op weg naar Tibet, veel drinken want de gevreesde hoogteziekte wacht. 5 tot 6 liter per dag drinken helpt om de symptomen te voorkomen: misselijkheid, koppijn, duizeligheid, slapeloosheid. En sommigen vinden me al zo’n “zijkerd”. We gaan in “trapjes”omhoog. Landen op 3500 meter in Lhasa. Alcohol is taboe, want Lhasarus wil je niet worden.

Wat een schitterend land qua natuurschoon, als je daar tenminste ook barre vlaktes onder verstaat. Mooie tempels, maar ze kosten wel veel geld. In eerste instantie weiger ik voor een tempel meer te betalen dan voor de pandaberen, maar daar kom ik gauw van terug. Op de rug van een yak naar boven. Veel yaks daar, ook regenyaks en sneeuwyaks. Yakburgers, yakthee en ik scoor een hoed van yakleer. Daddy goes Bogard. Weleens Yakvlees gegeten? Dan ken je ook het meervoud van Yak: Yakkes!

Veel drinken betekent veel plassen. Toiletten zijn er niet onderweg: heren rechts, dames links. Wel uitkijken voor de heiligdommen, want pupa achter de stupa wordt niet gewaardeerd.

De eerste 5000 meter pas is een teleurstelling: een snelweg en de hoogte valt nauwelijks op, maar dat wordt later ruimschoots gecompenseerd.

Ik ben met mijn gedachten in Nederland waar Assepoester nu van haar Rene afscheid nemen moet, verdriet heeft soms iets onmenselijks.

In Lhasa ontmoeten we Sabrye Tenberken. Wat een fantastische mensen heb je toch op de wereld. Deze blinde Duitse vrouw heeft zich, met haar Nederlandse partner, het lot van blinde kinderen in Tibet aangetrokken. Eerst heeft ze een Tibetaans brailleschrift ontwikkeld. Daarna is ze kinderen in de bergdorpen te paard (!) gaan ophalen om ze een toekomst te geven. Blinden zijn paria’s in Tibet. Een straf van de goden. Opgesloten in kasten, vastgebonden aan stoelen, te triest voor woorden. In Lhasa leren ze nu Tibetaans en Engels en een beroep: masseur, kaasmaker. Lees het boek “De weg naar Tibet”, een absolute aanrader. Sabriye is bij Ivo Niehe geweest maar ook bij Ophra. Bill Clinton is een van de sponsors van de 2 projekten in Tibet. Later zullen we nog de kaasmakerij bezoeken. Inmiddels is ook in Zuid-India een projekt voor blinde kinderen opgezet.
Het Potalapaleis van de Dalai Lama. Veel van de wereldwonderen zijn mooi van buiten, maar dit 14 etages tellende gebouw is ook nog schitterend van binnen. helass, pindakaas, geen fotoos.

Gyantse dat je volgens de Lonely Planet vooral moet vermijden, op naar Shigatse en Sakya. We stijgen tot 4200 meter. Slapeloosheid overvalt me.

Naar base camp Mount Everest. We slapen in een varkensstal (foei Summum!). Geen water, ’s nachts geen licht. Een open toilet buiten dat je in het donker niet zonder beenbreuken kan bereiken. De gevolgen laten zich raden. 1 meter buiten onze cellen struikel je over de uitwerpselen,

Met paard en wagen naar basecamp, 5250 meter. De ruwbouw van de snelweg naar het kamp, moet klaar zijn voor de Olympische Spelen om de vlam te vervoeren, ligt klaar. Een kaal maanlandschap vouwt zich uit, nog een bocht en……..

Niets, nakka, niente. Basecamp is een troosteloze vlakte en de Mount is door de wolken niet te zien.

Voordat de snelweg werd aangelegd was het hier een soort Volendam en Marken, met winkeltjes en hotelletjes. Nu is alles verplaatst naar 8 km voor het kamp. Ik klim een klein stukje en weet nu hoe mensen met cara zich soms moeten voelen. Een mooie foto, even door de knieen. Op en de duizeligheid slaat toe. Wel een bijzondere gebeurtenis. De hoogste berg ter wereld en jij nietig mensje staat meer dan halverwege.

De echte 5000 meter passen volgen. De weg is op verschillende plaatsen weggeslagen door de ergste regen in 50 jaar. Door rivierbeddingen, langs afgronden. We zitten vast, duwen, zwoegen. Complimenten voor de chauffeurs die de Landcruisers in beweging houden. Parijs Dakar gaat nu voor ons meer en meer leven.

Tibet, schitterend, aardige mensen en 1 architectuur voor het hele land. Overal de zelfde woningen en ze zien er best goed uit. Heel veel kinderen, maar wat wil je als je in TI BED woont?

We gaan afzakken naar Nepal. Eigen mokken mee; met Mepal naar Nepal.

zondag, augustus 19, 2007

LET IT BE-JING


Let it Be-jing. Don’t let me be misunderstood: China is not my country. Bangkok, Delhi, Cairo. Viezigheid, drukte, chaos maar vooral sfeer. Niets van dat in de grote steden in China. Wolkenkrabbers, schone straten, 6 baans wegen en alleen spiksplinternieuwe auto’s, het is net of je down town in Amerika rijdt.

Bejing 18 miljoen inwoners en net zo groot als Belgie. Eerst tijdens de culturele revolutie en nu voor de komende Olympische Spelen is/wordt alles gerooid wat op armoede lijkt. De traditionele Hu-Tongs (volkswijken): weg of achter muurtjes of planten verborgen. Wij hebben een Kut Tong bezocht. De specie was nog nat, maar dit soort ervaringen heb je wel meer als de gids een uniek bezoek aan echte autochtonen belooft. Meer Volendam en marken.


Slechts enkele historische plekjes zijn bewaard gebleven, maar die zijn dan ook de moeite waard. Het Plein van de Hemelse Vrede met de Verborgen Stad. Ik dacht er een t-shirt te kunnen kopen met de tekst: I survived crossing this square, maar zover gaat de Chinese humor niet. Het plein doet me denken aan de Plaza de Revolution in Havanna. Gemaakt om, al dan niet verplicht, adhesie te betuigen aan de heerser. De stad BLEEF trouwens voor mij verboden, want rijen die aan de Efteling doen denken zijn aan mij niet besteed.

Benzinedamp en luchtvervuiling overal. Als Rasmussen en Vinoukorov hier wielrennen wordt gegarandeerd een te hoog benzeen gehalte in hun bloed gemeten.

Het Olympisch stadion is wel een juweeltje van architectuur. Een soort opengewerkte geschulpte roestvrij stalen constructie, heel apart.

Ik heb er deze keer geen stokje voor gestoken: ik eet met stokjes. Niets na 5 minuten toch om mes en vork vragen, doorstumperen en het gaat nu aardig.

De Temple of Heaven waar ’s morgens tientallen bejaarde Chinezen sporten op door de staat beschikbaar gestelde toestellen. Misschien en alternatieve taakstraf voor Karl Noten om wat meer structuur in de bewegingen van deze bejaarden te krijgen?

De Chinese Muur, wat een werk is dat geweest, trouwens knap stijl. Ik vraag me af of snelle troepenbewegingen daar mogelijk waren.
Alles maken ze na in China en goed, behalve..... w.c.-papier! Het scheurt niet, je zit er of gelijk doorheen of je kan er een tafel mee gladschuren. Hallo, wakker worden: kom ff hier kijken hoe het moet.

Met de trein naar Xi’An. Helaas had Su Sie Daal een auto op een spoorweg geparkeerd, waardoor de sneltrein in plaats van geen enkele stop er vele moest maken. 6 uur vertraging: brood, water en bier op in de trein. Hier zouden we zo snel mogelijk de sneltrein weer op schema zien te krijgen, in China krijgen de boemels voorrang. In ieder geval konden we nog een paar uur van de gezelligheid in de binnenstad genieten. Vooral in de Moslim wijk. Een biertje? Helaas, ik had het kunnen weten; niet hier.

Een schitterend gezicht trouwens het Terra Cotta leger, en drie kwart ligt nog onder de grond.

Door naar Chengdu. Leuke beestjes die reuze panda’s. Gelijk het enige dat op mijn videocamera staat: oplader vergeten mee te nemen.

Resumerend. Wat er nog overeind is gebleven is schitterend, schone straten, luchtvervuiling en aardige mensen. Of ze nog enige woorden engels zullen leren in de korte periode tot de spelen valt te betwijfelen.

Nog twee tips.

Ga naar de kapper in Nederland. In China zijn kapsalons verkapte bordelen, waar de eerste vraag is: with or without happy ending. Niet knippen en scheren, maar knippen en wippen. Don’t worry: ik was al naar de kapper geweest.

Voor Jantje Ongeduld gaat het allemaal wat langzaam in China. Kreten als vamos, djallan en go helpen niet. Vooral het laatste niet, want go is het Chinese woord voor hond.

Wordt vervolgd:

neem je eigen mok mee voor onderweg: met Mepal naar Nepal
hoge nood onderweg: niet pupa achter de stupa!